Happy morning

3 Feb

06:00. Het net iets te euforische deuntje van mijn wekker sleurt me weg uit een ongetwijfeld prettige droom. Ik schiet direct in de vijfde versnelling: vandaag een klus als hostess op een congres in het pittoreske Den Bosch op de planning. Tijdens de vluchtige zoektocht naar iets eetbaars in de koelkast overvalt me een vlaag van trots bij het aantreffen van de zelfgemaakte salade, bakjes gesneden fruit en halve liter kwark die ik gisteravond in een van mijn zeldzame heldere momenten heb voorbereid. Na mezelf stilzwijgend een schouderklopje te hebben gegeven voor deze sporadische vooruitziende blik trek ik een sprintje naar de tramhalte.

Hier aangekomen degradeert mijn actieve houding direct tot een staat van minimale hersenactiviteit die het midden houdt tussen slapen en waken (ik ben geen ochtendmens). Helaas ontwaak ik pas uit deze onachtzame gemoedstoestand als de tram al ruim een halve minuut voor mijn neus staat en aanstalten tot wegrijden maakt. In mijn daarop volgende woeste sprong wordt ruim 1/3 deel van mijn tasinhoud gelanceerd om in willekeurige opstelling binnen een omtrek van drie vierkante meter neer te strijken. Het trommeltje met mijn zorgvuldig bereide slaatje noch de bak kwark overleeft deze tragische valpartij. Tot mijn immense dankbaarheid blijft de dienstdoende trambestuurder wachten. Als ik mijn waardering voor dit heldhaftige optreden wil uitspreken doet hij onze nieuwbakken vriendschap onmiddelijk teniet door me harder dan noodzakelijk met een onvervalst Amsterdams accent toe te blèren: “Dat krijg je ervan als je ligt te slapen hè?! Daar rolt nog een Labello! RAAP NOU TOCH EERST JE PORTEMONNEE OP MEISJE!” Als ik na een minuut onbeholpen tijgeren onder toeziend oog van de inzittenden met het schaamrood op mijn kaken plaatsneem in de tram, stel ik mezelf gerust met de gedachte dat deze dag er alleen maar beter op kan worden. Na de overstap op de trein richting ‘Den Bosch bedenk ik echter net te laat dat inchecken er in de haast bij in geschoten is. Als klap op de vuurpijl word ik getrakteerd op gezelschap van een overbuurvrouw die het om 07:10 gepresteerd krijgt met een ontzagwekkend scala aan bijgeluiden een frikadel-speciaal weg te werken, alvorens mij en de rest van de coupé ondanks haar koptelefoon tot aan Utrecht Centraal deelgenoot te maken van haar voorliefde voor naamloze oude bubbling-hitjes.

Na een op zijn zachtst gezegd gedenkwaardige reis kom ik aan op locatie. Als ik de voordeur van het congrescentrum open word ik ontvangen door een gastvrouw met een enthousiaste groet, een vriendelijke glimlach en een kop koffie, die mijn toch enigszins aangetaste humeur als sneeuw voor de zon doen verdwijnen. Een sterk staaltje bewijsmateriaal van de kracht van een warm welkom, dat me motiveert om de gasten die over een halfuur hun intrede doen een soortgelijke ervaring mee te geven. Laat de dag maar komen!

Advertenties
%d bloggers liken dit: